"Hun hebben" is een blijvertje, meldde rtlnieuws.nl onlangs. Moet kunnen, vinden vier taalwetenschappers uit Nijmegen. Het is wel fout, weten ze. Maar het heeft ook een voordeel: door
'hun liggen in bed' zouden we meteen weten dat het om mensen gaat en niet om honden of schoenen. Maar dan vind ik dat ook 'hun leggen' gedoogd moet worden, want dat hoor ik ook vaak. En ik weet dan meteen dat er twee of meer mensen verkeren in een toestand van min of meer vlak uitgestrekt zijn.
Ik hoor ook steeds vaker zelfs ontwikkelde mensen 'het meisje wie' bezigen. Meisjes zijn wel vrouwelijk. Daar helpt ook geen broekrok aan. Maar 'meisje' is en blijft onzijdig. En 'wie' is hier een dubbelfout.
Over kleding gesproken.
Pas zat ik in de trein met twee Rotterdamsen, leuke meiden. Voetbalsters, zo bleek. Ze waren in een geanimeerd gesprek zoals dat heet over de nieuwe outfit die ze binnenkort zouden krijgen.
"Nou hoop ik dat die achtelukke coach wel met een normaal broekje aankomt", zei de ene. "En niet iets van badstof ofzo. Want ik heb nogal een dikke kont, heb ik van me moeder. En als dat dan een beetje strak zit, nouja dan ken je gelijk liplezen..."
Ken, dat is heel normaal hier in 010. Net als die bijna dwangmatige neiging om een 't' te plakken achter elk woord dat op 'er' eindigt. Brommert. En zelfs doet-het-zelvert. En die fiets is van zijn en die platjes heb je niet van mijn. Erg is het niet. En iedereen begrijpt wat je bedoelt.
"Hun hebben' mag dan een blijvertje zijn, sommige soa's zijn dat ook. En het blijft fout, hoe ze daarover ook denken in Nijmegen. Het zou vermoedelijk tot Kamervragen leiden als Jan Peter Balkenende zich ook zo zou uitdrukken. Over de PvdA-ministers die opgestapt zijn: "Hun hebben ongelijk." Wij, Beatrix, is goed. Dat dan weer wel.
"Goede taalbeheersing is een basisvoorwaarde om in onze maatschappij te kunnen meedoen",
sprak Hare Majesteit in de laatste troonrede. Dat geldt a forteriori voor studenten journalistiek, te beginnen in Utrecht. Wij docenten worden soms gek van jullie slechte taalbeheersing. Aan het beoordelen van content komen wij soms amper toe, omdat we door mijnenvelden van taalfouten moeten. Op nummer één met stip nog steeds: d/t. Met een neiging tot 't' of flauwvallen. Gevolgd door enkelvoud/meervoud. Hoe vaak ik niet lees: "De media geeft een vertekend beeld van...." En dan zijn er nog de talloze bloopers in au/ou en ei/ij. Terwijl er toch een wezenlijk verschil is tussen vleien en vlijen, rouw en rauw. Om nog maar te zwijgen over stijlfouten,
tangconstructies, contaminaties (watte?), contaminaties als "Hier zet men thee en over". En wat ik noem 'komma-itis" of chronische schrijfademnood in zinnen als: "De man, die, gisteren, nog zei, hoewel hij dat, vandaag, weer, ontkende, dat...."
Schrijven kun je vergelijken met vioolspelen. Dat is an art. Als je niet elke dag oefent, blijft het gekras. Niet erg op een zolderkamertje gecapitonneerd met eierdozen. Maar wel als je er mee
naar buiten treedt en er je beroep van wilt maken. Jouw spelling is jouw visitekaartje. En sollicitatiebrieven vol spellingsfouten hebben een grote aantrekkingskracht op prullenmanden.
Goed spellen ken je leren.
Tegenwoordig hanteren wij bij het vak Verslaggeving, misschien wel het mooiste vak om te geven,
de regel 'drie slag is uit'. Of liever: bekijk het maar. Voorheen gingen wij braaf zelf al die fouten zitten verbeteren. Maar dat doen we nu niet meer, omdat de student daar niets van leert. Hij/zij mag ze er nu eerst zelf uithalen voordat er weer feedback gegeven wordt.
Ik had ooit een studente in een groep, zo weggelopen uit Cosmopolitan. Het woord 'krant' kende zij niet. Haar spelling, mijn god, was unbeschrien. Die deed mij nog het meest denken aan de Slag om Verdun, een waar battlefield. Maar toen zij in de klas een keer bezig was met nailprocessing voor gevorderden, zag ik hoe verbazend handig, competent ze daarin was. Dàt was in één woord vlekkeloos.
Tags:
Delen
Facebook
Je moet lid zijn van humedia om reacties te kunnen toevoegen!
Word lid van humedia